FA Nieuwsbrief oktober 2014

Jaargang 3 nummer 3

Zoals aangegeven in de Nieuwsbrief van juli gebeurt er veel op pensioenterrein. Twee van de vier artikelen in deze Nieuwsbrief gaan dan ook (gedeeltelijk) over pensioen.

Judith Scherrenberg laat in haar bijdrage zien dat medewerkers met een salaris van meer dan € 100.000 er wat betreft hun pensioen niet op achteruit hoeven te gaan vanaf 2015.

Ook de Praktijkcase over de werkkostenregeling heeft een link met pensioen. In deze Praktijkcase wordt ingegaan op de vraag in hoeverre de werkkostenregeling een rol kan spelen bij het zoeken naar oplossingen voor bijvoorbeeld nabestaandenvoorzieningen voor werknemers die meer verdienen dan € 100.000 en die vanaf 2015 geconfronteerd worden met Witteveen 2015.

Het artikel “Starters op de woningmarkt” is het eerste artikel in een reeks over met name fiscale aspecten van de eigen woning. Het artikel toont dat - ondanks de beperkte (fiscale) keuzemogelijkheden - de starter op de woningmarkt te maken heeft met veel ingewikkelde regels. In de reeks volgen in ieder geval nog artikelen over doorstromers en over echtscheiding.

De tweede Praktijkcase van deze Nieuwsbrief gaat in op de vraag of het gebruik van de verhoogde schenkingsvrijstelling van € 100.000 in de toekomst invloed heeft op de eigenwoningschuld bij het verwerven van een nieuwe woning.

Tot slot wil ik nog wijzen op de vele interessante Korte berichten. Het zijn er te veel om in deze Nieuwsbrief op te nemen, dus het kan de moeite waard zijn om hier verder te kijken.

drs. Kees van Oostwaard
Eindredacteur Financieel Actief

Artikelen 

De werkkostenregeling: mogelijkheden te over...?

Vraag:
In het artikel over Prinsjesdag staat dat de werkkostenregeling (WKR) een rol kan spelen bij het zoeken naar oplossingen voor bijvoorbeeld nabestaandenvoorzieningen voor werknemers die meer dan Є 100.000 verdienen. Kan dat nader toegelicht worden?

Starters op de woningmarkt

Geen overgangsrecht, geen bijleenregeling, geen kapitaalverzekering of spaarrekening eigen woning, geen restschuld, etc. Om renteaftrek te krijgen op de eigenwoningschuld moet de (hypothecaire) geldlening ten minste annuïtair volledig worden afgelost in maximaal 360 maanden.

Schenking voor de aflossing van de eigenwoningschuld

Vraag:
Wanneer ik de verhoogde schenkvrijstelling van € 100.000 gebruik om de eigenwoningschuld af te lossen verminderd dan het bedrag waarvoor ik gebruik heb gemaakt van de vrijstelling in de toekomst de eigenwoningschuld bij de verwerving van een nieuwe woning?

Korte berichten 

Samenloop middelloonfranchise en eindloonfranchise in één regeling

Door Witteveen 2015 is het met ingang van 1 januari 2015 mogelijk om tijdsevenredig een ouderdomspensioen van 75% van het gemiddeld genoten loon op te bouwen in ten minste 40 dienstjaren. Dit is vertaald in een maximum opbouwpercentage voor middelloonregelingen van 1,875% per dienstjaar en voor eindloonregelingen van 1,657% per dienstjaar. Beide vormen hebben met ingang van 2015 ook een ‘eigen’ minimum franchise waarmee rekening moet worden gehouden bij de opbouw.

Splitsing lijfrenteverzekering bij echtscheiding ter voorkoming fiscaal nadelige gevolgen

Partijen zijn in 1981 in algehele gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd. Het huwelijk is in december 2011 ontbonden. De huwelijksgoederengemeenschap is door partijen verdeeld, met uitzondering van een aantal verzekeringen en een banksaldo. Twee van de vier verzekeringen betreffen lijfrenteverzekeringen, ondergebracht bij verschillende levensverzekeraars.

Opbouwpercentages pensioenleeftijd jonger dan 67 jaar met ingang van 2015

Het Centraal Aaspreekpunt Pensioenen van de Belastingdienst heeft de opbouwpercentages voor eindloon- en middelloonregelingen gepubliceerd voor regelingen met een pensioenleeftijd jonger dan 67 jaar. Ook heeft zij de gevolgen van een jongere pensioenleeftijd voor het nabestaandenpensioen beschreven.
De opbouwpercentages en de toelichting zijn hier te vinden.

Aansprakelijkheid assurantietussenpersoon bij beëindiging levensverzekering

Belanghebbende heeft met haar echtgenoot in verband met de hypotheek op hun woning per 1 januari 2003 via een assurantietussenpersoon een levensverzekering afgesloten. De verzekering had een gemengd karakter. Een deel was bedoeld voor de opbouw van vermogen door middel van beleggingen. Het nadere deel diende ter dekking van het overlijdensrisico. De verzekering was verpand aan de geldverstrekker.